Wie zondagmiddag café ’T Tapperijke in Made binnenstapte, waande zich even tientallen jaren terug in de tijd. Het geluid van een kolossaal dansorgel dreunde door de zaal, terwijl bezoekers zich op de dansvloer uitleefden op de muziek van weleer. De bijna uitgestorven traditie komt slechts twee weken per jaar weer tot leven.
Er klinken zondagmiddag vrolijke, bombastische klanken uit het zaaltje bij café ’t Pumpke in Made. Hoewel de zang er niet bij inbegrepen is, zijn de klanken van de zomerhit Zwoele Zomernachten duidelijk te horen. Een man pakt zijn telefoon en filmt het gigantische gelegenheidsorgel waar de muziek uitkomt.
“Ik! Wil! De zon zien zakken in de zee!”, zingt een man aan de bar luidkeels mee met het refrein. Het doet niet onder voor het gezang van Rutger van Barneveld. “Het is het jaarlijkse uitje van dit orgel!”, vertelt, of ja, roept orgelspeler Thijs Haenen over de muziek heen.
Het orgel pingelt op de achtergrond vrolijk door. “En het is natuurlijk gewoon mooi om ouderwetse muziek hier op het orgel te spelen”, lacht hij. Of het dan ook uitloopt op een echte raveparty? Dat betwijfelt hij. “Het is vandaag echt een middag voor de orgelliefhebber. Het is vooral gezellig, gewoon wat bier drinken.”
Voetjes van de vloer
Boven op een van de pilaren worden de toetsen van een accordeon automatisch ingedrukt door de kolossale muziekmachine. Een verorgelde versie van De Toreador begint te spelen. Een ouder stel schuifelt er flink op los op de dansvloer.
“We komen hier al jaren”, vertelt Ans Herweg. Ze maken nog een rondje over de dansvloer. “We komen helemaal uit Ridderkerk", zegt ze opgewekt. “Het zit een beetje in ons bloed, die orgels”, vult manlief Willem aan.
De twee hebben nog grootse plannen voor op de dansvloer. “We doen de foxtrot en de Engelse wals. Vroeger deden we ook de Weense wals en de jive, maar dat gaat niet meer”, lacht ze.
Een uitstervende traditie
“Er zijn nog maar twee reizende dansorgels over in de wereld. Dit is er eentje van", legt Haenen uit. Beide orgels maken ieder jaar nog maar één keer een uitstapje naar een kermis, om daar het publiek van muziek te voorzien.
Made is een van die plekken. Het andere orgel gaat naar Terheijden. “Als je een dansorgel in een café wilt horen, kan dat nog maar twee weken in het hele jaar.”
“Het is heel erg jammer dat er nog maar zo weinig dansorgels bestaan. Maar dit café heeft al tientallen jaren de traditie dat er een orgel staat", gaat hij verder. De zaal is zelfs ooit speciaal gebouwd zodat er een dansorgel naar binnen past, weet Haenen. Want klein is het gevaarte allerminst.
'Mekka voor de orgelliefhebber'
“Ik ben altijd op zoek naar cafés waar ik ’m ook nog kwijt kan", zegt de eigenaar van het orgel. "Maar veel mensen weten überhaupt niet dat zoiets bestaat. Het is een beetje vergeten.”
Een man met een glaasje bier voor zijn neus is het orgel in ieder geval allesbehalve vergeten. “Ik ga alleen niet zingen, dan loopt de tent hier leeg”, lacht hij. “Dit is een oud-Hollandse traditie. Dat dit nog gebeurt, is eigenlijk geweldig. Het is hier een mekka voor de echte orgelliefhebber.”
Grote blokkendoos
De enorme muziekmachine kan in twee uur tijd volledig uit elkaar worden gehaald om in een vrachtwagen op transport te gaan. “Het is eigenlijk een soort grote blokkendoos”, stelt Haenen.
En helemaal afgelopen is het feest nog niet. Op kermismaandag is het Koningsschieten. Dan verwacht Haenen meer publiek. “Dan is het hard zingen en feesten. Een feestje zoals dat hoort te zijn.”
Op zoek naar de liefde, een drankje én een dansje. In Daten in de Dancing volgen we oudere stamgasten van grenscafé Dancing Heidelicht, waar ook een dansorgel voor de muziek zorgt. De documentaire is te zien op Brabant+.
