Misschien ken je de filmpjes op social media: een therapeut met een metalen stok in de hand die op en neer beweegt en vragen stelt aan een cliënt. Deze zogenoemde biotensor wordt vaak gebruikt bij NEI-therapie, een alternatieve behandelmethode die aan populariteit wint. Het aantal NEI-therapeuten is de afgelopen jaren flink gegroeid en meer dan een kwart van hen is actief in Brabant. Maar wat doen zij met deze 'toverstaf'? Omroep Brabant zocht het uit.
NEI staat voor Neuro Emotionele Integratie. Volgens de website van de Vereniging van NEI-therapeuten (VVNT) is het een testmethode om emotionele problemen, lichamelijke klachten en onverwerkte gebeurtenissen op te lossen. Een van de manieren om zo'n test uit te voeren, is met behulp van de biotensor. Een metalen stok die soms gekscherend wordt vergeleken met een toverstaf.
Biotensor als gespreksstarter
De VVNT houdt niet bij hoeveel leden met de biotensor werken. Volgens hen gebruikt NEI oorspronkelijk spiertesten, maar gebruiken sommige therapeuten liever de biotensor.
Uit onderzoek van Omroep Brabant blijkt dat in 54 van de 56 Brabantse gemeenten NEI-therapeuten zijn die werken met de biotensor. Om meer inzicht te krijgen in deze trend, sprak Omroep Brabant uitgebreid met acht van hen.
De metalen stok zou 'ja' of 'nee'-antwoorden kunnen geven door de manier waarop hij beweegt. Volgens de therapeuten kan de biotensor op die manier antwoorden uit het onderbewustzijn naar boven halen, waarna ze daarover in gesprek gaan.
Zo zouden ze naar eigen zeggen snel tot de kern kunnen komen en binnen een aantal sessies iemand helpen. De kosten voor een NEI-sessie met de biotensor verschillen per aanbieder en variëren van 65 euro tot 145 euro voor een sessie van een uur tot anderhalf uur.
Cliënten komen met uiteenlopende klachten. Van een burn-out of trauma tot chronische pijn of slaapproblemen bij kinderen. Vaak gaat het om mensen die in de reguliere gezondheidszorg geen oplossing hebben gevonden.
Dat ziet ook Amanda Bax, die NEI-therapie geeft in Lage Zwaluwe en Breda. "Over het algemeen komen mensen omdat ze ergens doorheen willen, ze merken dat ze vastzitten. Dan hebben ze vaak al reguliere zorg gehad en komen ze niet verder. Dan gaan ze verder kijken en komen ze bijvoorbeeld bij ons uit."
Wetenschappelijk sausje
NEI-therapie en het gebruik van de biotensor zijn niet wetenschappelijk bewezen. We vroegen wetenschappers Kim de Jong en Bart Verkuil om het fenomeen te bekijken. Zij zijn verbonden aan Universiteit Leiden als universitair hoofddocent Klinische Psychologie en werken daarnaast als klinisch psycholoog.
"Wij hebben niet de houding dat wanneer iets niet bewezen is, het ook niet effectief is. We staan als wetenschappers open voor nieuwe ontwikkelingen en therapievormen", zegt De Jong.
Toch zijn de klinisch psychologen sceptisch. "Er worden veel verschillende technieken genoemd die samen niet getoetst zijn en waarvan we de effectiviteit niet kennen", zegt De Jong. Ook worden er volgens hen onjuiste beweringen gedaan. "Zoals de term NEI, die volgens de therapeuten staat voor neuro-emotionele integratie. Zulke modellen komen in de wetenschappelijke literatuur niet voor. Maar die naam geeft het wel een wetenschappelijk sausje."
Ook vinden ze het opvallend dat NEI-therapie voor zoveel verschillende klachten zou werken. "Dat is vrij ongebruikelijk en dit zou een enorme doorbraak betekenen", zegt De Jong.
'Ieder z'n eigen pad'
De NEI-therapeuten die Omroep Brabant sprak, hebben allemaal wel eens te maken met mensen die sceptisch zijn. Ze geven allemaal aan dat ze hebben gezien hoe het mensen kan helpen en laten zich dan ook niet uit het veld slaan.
Zo ook NEI-therapeut Bax: "Er zijn altijd mensen die het raar vinden, maar als je het raar vindt, dan moet je niet komen. Iedereen heeft z'n eigen pad."
Placebo-effect
Online zijn vooral positieve reviews te vinden over NEI met de biotensor. Hoe kan het dat NEI-therapie niet wetenschappelijk bewezen is, maar voor veel mensen wel lijkt te werken?
De Jong en Verkuil geven aan dat NEI, zoals de meeste therapieën, waarschijnlijk factoren heeft die kunnen werken. "Een vriendelijke therapeut die naar je luistert en een overtuigend verhaal heeft over hoe de therapie je kan helpen. Dat geeft een cliënt hoop en verwachtingen dat de therapie gaat werken, ook wel het placebo-effect."
Je zou kunnen zeggen: baat het niet dan schaadt het niet. Maar dat gaat volgens De Jong en Verkuil niet helemaal op. "Mensen hebben misschien al veel dingen geprobeerd zonder resultaat of willen direct hulp, terwijl er in de GGZ lange wachtlijsten zijn. We zijn alleen bang dat deze hoge verwachtingen niet waargemaakt kunnen worden en tot meer desillusie kan leiden."
Heb jij een ervaring met NEI-therapie met de biotensor die je graag met ons wilt delen? Mail dan naar research@omroepbrabant.nl
