Een stationsgebouw van meer dan 700 ton met kelder en al verplaatsen is een enorme prestatie. Toch is het niet de eerste keer dat er in Brabant zulke projecten zijn bedacht. Zelfs in 1819 bleek de mens al zo vindingrijk dat ze een molen konden verplaatsen in Boxtel. Ook een enorme schoorsteen van 44 meter kreeg ooit een nieuwe plek, een halve kilometer verderop.
Het verplaatsen van het stationsgebouw in Vught is een enorm project. Er komt een nieuw spoor tussen Den Bosch en Vught. Om daar ruimte voor te maken, moet het rijksmonument daar weg.
Het gebeurde al vaker dat een compleet gebouw van plek moest veranderen.
Seinhuis B in Roosendaal
ProRail stond in 2013 voor een probleem: een monumentaal seinhuis uit 1907 was niet meer bereikbaar omdat er sporen omheen waren gebouwd. Het werd al bijna twintig jaar niet meer gebruikt. Toch moest het gebouw te bewonderen zijn, als belangrijk erfgoed van de spoorgeschiedenis.
Daarom werd een plan gesmeed om het gebouw zo’n 1400 meter te verplaatsen. Het ging niet vlekkeloos: het project werd meerdere keren urenlang stilgelegd om de route klaar te maken voor de verhuizing. Het duurde uiteindelijk twee dagen om het seinhuis op zijn nieuwe plek neer te zetten.
Hieronder is te zien hoe de verplaatsing onder grote belangstelling verliep:
Philips-schoorsteen in Roosendaal
Het was van een flinke afstand te zien in 2017: de verplaatsing van een hoge Philips-schoorsteen. De schoorsteen van 450 ton werd over een snelweg vervoerd naar een nieuwe plek, 450 meter verderop. Het was een technisch hoogstandje en een bijzonder uitzicht: de schoorsteen van 44 meter moest rechtop verplaatst worden.
De schoorsteen moest van plek veranderen omdat er een enorm distributiecentrum gebouwd werd. Het industrieel erfgoed zou dan tussen de loodsen verdwijnen. Zoals initiatiefnemer Jan Jongmans uitlegde: “Duizenden mensen hebben er gewerkt. Dit is een ode aan al die mensen."
Iedereen die op de snelweg tussen Breda en Roosendaal rijdt ziet hem nu nog altijd staan.
Hieronder zie je de schoorsteen over de snelweg rijden:
Molen in Boxtel
Ook in een ver verleden zijn complete gebouwen verhuisd in de provincie. In 1819 kreeg een molenmaker het voor elkaar om een molen en het aangesloten gebouw van 240 ton ruim één kilometer te verplaatsen, volgens het Brabants Historisch Informatie Centrum. Volgens verhalen ging dat zo soepel dat de wieken bleven draaien en in een glas water in de molen geen rimpel te zien was.
De klus duurde wel twee weken. De molen werd over rollers getrokken via een ingewikkelde constructie van rondhout, balken en twintig sterke mannen.
Het is niet bekend hoeveel de klus heeft gekost, maar volgens het BHIC was het verplaatsen van gebouwen goedkoper dan het slopen en vervolgens weer opbouwen daarvan.
Hieronder zie je de molen in 1920, na de verplaatsing:
Sint Catharinakerk in Eindhoven
Dit idee werd onder andere een ‘1 april-grap' (Jannie Visscher, SP), ‘idiotie’ (Henk Jager, Christenunie) en een ‘waanzinnig idee’ (Dré Rennenberg, Ouderenappèl) genoemd, meldde het Eindhovens Dagblad.
Hoe kom je er ook op: de iconische Sint Catharina-kerk van 1200 ton de lucht in tillen om er een ander gebouw onder te bouwen.
Toch werd het idee in 2020 onderzocht in Eindhoven. Het idee was om de kerk zo’n 55 meter de lucht in te tillen met hydraulische pompen, zodat het de kers op de taart kon worden op een ander gebouw. Dit zou veel geld kunnen opleveren, volgens de bedenkers.
Richard Verhoeff, verkoopdirecteur bij een specialist in transportatie, legde de uitvoerbaarheid aan RTL uit. "Niets is onmogelijk. Alles is op te tillen,” zei hij toen. Toch plaatste hij vraagtekens bij het opzienbarende plan: “In het geval van een kerk is het wel een heel nauwkeurig werkje."
Bijna 10 jaar later staat de Catharina-kerk nog steeds met fundering en al op de grond in het centrum van Eindhoven. Het onderzoek naar de mogelijkheden is stilletjes verdwenen.
De verhuizing van station Vught is nu de nieuwste toevoeging aan een bijzonder Brabants rijtje. Vrijdagmiddag weten we zeker of het gelukt is .
