Stel je voor: het water in West-Brabant stijgt en de dijken krijgen het zwaar te verduren. Wat moet er dan gebeuren? Ondanks de droogte oefent Waterschap Brabantse Delta drie dagen lang wat het moet doen met hoog water in West-Brabant.
In teams van drie lopen dijkinspecteurs alle dijken af, van Waalwijk tot Bergen op Zoom. "Dan kijken ze of ze schadebeelden kunnen zien", legt oefenleider Alexander van Gaans uit aan ZuidWest Update. Dat kan echte schade zijn, zoals een gat dat een hond heeft gegraven. Of nagemaakte schade, die ze moeten melden in een speciale app.
In die meldingen zetten ze foto's en een beschrijving van wat ze zien. "De meldingen gaan wij dan beoordelen. Hoe ernstig het is en of wij er iets aan moeten doen", vervolgt Van Gaans.
Zwaarste scenario
Het waterschap wil met de grotere oefening meer testen dan alleen de dijken. "We willen als waterschap goed voorbereid zijn op hoogwatersituaties. Maar we trainen ook ons personeel hiermee en testen alle infrastructuur erachter, zoals de apps."
De dijkinspecteurs oefenen met het heftigste scenario. "Dat betekent dat we een noordwesterstorm hebben en een hoge rivierafvoer op de Maas en de Rijn." Normaal gesproken is de oefening minder extreem. Dan gaat het alleen om hoog water in de rivieren.
Niet alleen de buitendienst doet mee. Ook het kantoorpersoneel leert wat het kan doen bij hoog water, "van de afdeling financiën tot de afdeling geo-informatie". Daarnaast zijn externe partners betrokken, zoals aannemers.
Belangrijkste verdediging
Volgens Van Gaans is het belangrijk om dit soort situaties te oefenen. "Onze waterkeringen zijn onze belangrijkste verdediging tegen hoog water. Die moeten in optimale conditie zijn. Als dat niet zo is, kan het misgaan en dat willen we graag voorkomen."
Tijdens de oefening inspecteren de teams ook meteen alle dijken. "Dan hebben we meteen een beeld van hoe de dijken erbij liggen." Maar het belangrijkste is dat iedereen getraind wordt. "Of iedereen nog weet wat ze moeten doen en of onze systemen en materialen nog goed zijn."
Volgend jaar oefent het waterschap weer. Of dat dan net zo groot wordt, durft Van Gaans nog niet te zeggen. "Of misschien nog grootschaliger, maar dat moeten we nog bekijken."